Het was zo een rare dag vandaag. Het begon gisteren ergens tijdens een vergadering met collega’s. Ik was wat tam, moe en de verhalen gingen een beetje langs mij heen. Ken je dat gevoel? Je bent er niet echt en toch wel.
Je hoort alles aan. Je verwerkt het niet. Want er volgde een onrustige nacht.

Een dromennacht: over grote bruine gangen met trappen en over mijzelf:
ik was de weg kwijt. De buurman(?) in zijn badjas, Hebreeuws sprekende kinderen in het trapgat, met name een jongen met donker haar keek mij aan. Vrouwen met hakken en exen met bijlen in de rug. Ik droomde ook over de een flowerpower jurk, wat me troost gaf en me terugbracht naar old times. Iets bekends in mijn droom, of toch niet?
Er liep iemand naast me die ook zocht, maar niet wat ik zocht.
Ik zocht de weg en had een ticket in mijn handen, een entreebewijs. Paniekerig zocht ik waar ik moest zijn. De gangen liepen maar door en de trappen liepen van boven naar beneden, een soort Escher trappen.  Er was geen touw aan vast te knopen. Ondertussen vaag gezang in de verte van een taal doe ik niet verstond, en toch wist ik wat ze zeiden.
Ik wist de gevoelsbetekenis, geen woorden.

Ik kwam mensen tegen die niet aardig waren, kortaf en ze luisterde niet. Ik bleef maar lopen. Nergens heen. Ondertussen viel er een ex ( sorry, weet niet van wie) uit het trapgat. Doodsangst galmde er steeds door mij heen. Vreemd werd ik die ochtend wakker. Gelukkig had ik vandaag een leuk uitstapje.

Monter stapte ik op de fiets, met windkracht 9 en regen. Niets was zo beangstigend als de nacht die geweest was. Ik kon het hebben. Ik stond in de rij bij de kassa en er was iets mis.  Mijn ticket kon ik boven afhalen.  ‘Daar’ wees de aardige filmvrouw, ‘bij die bruine trap’, en dan de bruine gang door’ en ze gaf me een verdachte glimlach.

De droom schoot vliegensvlug voorbij en ik moest vreselijk nodig plassen. De rij achter me vulde zich met zuchten en kreunen van het wachten van andere mensen. Ik zei: Ik ga niet.

Ik bezocht het toilet, dat luchtte al enorm op. Jas en muts op, op de fiets -mijn trouwe metgezel- naar huis. Waar het warm en droog was.