Met wilskracht aan mijn zijde heb ik het ver gebracht.
Zonder mijn wilskracht was ik nu een dood vogeltje.
Dat ben ik nu beslist niet.
Ik sta nu met het leven aan mijn zijde, dat is beter.
Wilskracht is een kracht omdat je iets wilt en je hebt het niet.
Wat is dat nou eigenlijk, wilskracht? Kan het ook een valkuil zijn?
Is het goed of slecht? Of…geen van beiden?

Mijn leven bestond uit worstelen, vechten en mijn best doen.
Ik voelde me amper gezien, dus er moest gewerkt worden aan gezien
worden. Door mijn depressie scoorde ik laag op school,
dus er moest gewerkt worden aan studie.
Na een heftige 16 jarige depressie, waarin ik de glijbaan achteruit
nam en ik het bijltje erbij neergooide, moest gezocht worden
naar mijn levenslust. Er was geen wilskracht.
De dagen waren kil en leeg.
Mijn hoofd hing, net zoals mijn haar en humeur.

Doordat het leven toch soms een verrassende wending neemt,
sloeg mijn levensarmoe om in levenskracht.
Vechten zou ik. Schouders eronder en gaan. En het werkte.
Ik heb sindsdien echt veel bereikt, op alle levensgebieden.
De ene kant stak de ander zijde weer aan.
Ik ben er erg blij mee, want mijn leven is nu zoveel meer de moeite waard.
Ik gebruikte mijn wilskracht om te overleven.

Er is ook een té veel wilskracht. Te veel overleven,
is een patroon geworden, zodat je altijd in de overlevingsstand blijft staan.
Te veel studiedrang maakt dwangmatig behoeftig om jezelf te bewijzen,
te veel werklust maakt een workaholic, en het maakt je gevoelig voor onrust.
Te veel gaan voor de liefde, maakt je afhankelijk.
Ergens maak je van je kwaliteit een valkuil.
En dit gedurende jaren maakt dat je lijf levenloos.
En van je leven een puinhoop. Moet het allemaal zo nodig?
Het heeft me gered. Ik kon overleven door mijn gedrevenheid.
Je komt over de helling, en dan wordt het een dwang.
Je wilt de toekomst beheersen.
Alles wat ik wil, is niet altijd hoe het zal gaan.

De valkuil van te veel willen, omdat je denkt dingen
naar je hand te kunnen zetten.
Een trigger in mij wil weer aan het werk, strijden, werken, verdiepen,
alles. Het lijkt wel een verslaving. En dat is het misschien ook.
Verslaafd aan de stress, aan de strijd, aan vechten, aan de liefde,
aan spanning. Mijn waarschuwingssysteem zegt: Het hoeft niet meer.
Je hebt een huis en eten. Je wilt iets dat er niet is. Je hebt al een leven.
De drive zit er nog. Ik word er nu oververmoeid van.
Nu besef ik dat mijn leven loopt zoals het loopt en dat ik gewoon
mee kan bewegen. Iets willen geeft onrust. Proberen te accepteren
dat het zo is, kan weerstand geven, is ook onrust.
Als je er doorheen kijkt, kan je het laten voor wat het is, een logische keuze.
Dat scheelt een hoop geploeter en het scheelt veel denken.

Door te veel te willen, wil je de realiteit, de omstandigheden te veel
manipuleren. Je kan vertrouwen op het leven.
En nieuwsgierig in de rondte kijken. Je leven loopt, je staat op
en je ziet wat zich aandient. Ineens kan dat heel verrassend zijn,
of niet. Je hebt het leven niet in de hand.
Vanuit je nieuwsgierigheid kan je natuurlijk wel op avontuur gaan,
en dat is een ander verhaal.

Susan Suustra